featured-image
foto: patricia rehe

Poneren met je stem

Dat overtuigt en stelt gerust

Zet een duidelijke punt door een simpele afbuiging met je stem naar beneden. Probeer het maar eens het doet wonderen.

Een zaal vol mensen. De avond wordt ingeleid door een vriendelijke vrouw met een gulle lach. Ze heeft er duidelijk zin in en ze heet ons allemaal welkom. Voor de gelegenheid heeft ze een vrolijk zomerjurkje aangetrokken en haar krullen zitten overzichtelijk in een knotje. Ze heeft een loopmicrofoon en wiebelt een beetje op haar gympen.

Al vrij snel valt het me op dat ze vragend spreekt. Wij als publiek kunnen achter alles “toch?” denken:

  • “We gaan er een fijne avond van maken…” ↑
  • “We gaan het interactief maken en jullie mogen allemaal meedoen en meedenken…” ↑
  • “Normaal zitten we in het andere gebouw, maar vanavond zitten we hier…” ↑

Haar stem vliegt steeds de lucht in. Net zoals kleine kinderen vertellen: “En toen… en toen…” Van komma naar komma praten. Het gaat maar door en het spreekt mij en volgens mij de rest van het publiek niet aan. Er komt niet echt een punt.

Poneren helpt. Punt.

Poneren is met je stem aan het eind van de zin naar beneden gaan. Echt naar die punt toe praten ↓. Dat klinkt overtuigend, geruststellend, afrondend en waar. Daar kunnen we op vertrouwen. Dit is blijkbaar zo, hier kunnen we niet omheen.

Het mooist is als je daarna ook even stil bent. Dan kan wat je net gezegd hebt landen bij de luisteraars. We hebben verwerkingstijd nodig om te horen wat er net gezegd is.

Denk in blokjes, niet in zinnen

Soms helpt het om in blokjes te denken. Niet in zinnen. Je kan best een paar zinnen achter elkaar zeggen (een blokje), maar op een gegeven moment moet je iets afronden. Dat kan je op je eigen tijd en tempo doen.

Vaak laat ik mensen in mijn studio of tuin rondlopen of van blokje naar blokje lopen (bierviltjes op de grond):

  • Je staat op een blokje: Je praat, je praat, je praat. Je gaat met je stem omhoog en omlaag, harder, zachter, sneller, langzamer. Lekker veel dynamiek. Het is allemaal goed.
  • Je rondt af: Als je echt klaar bent, rond je af en zet je met je stem een punt ↓.
  • Rust: Het is stil.
  • Volgende stap: Je zet een stap naar een nieuw blokje of bierviltje dat op de grond ligt en je begint aan het volgende blokje.

Als je maar laag eindigt. Anders blijft er iets hangen en klinkt het vaag of onzeker. Dit gaat irriteren bij het publiek.

Oefening 1: De trap

Een oefening die je thuis of in de tuin meteen kan doen: ga bovenaan een trap staan. Bedenk je: hier sta ik hoog. Nu ga je afdalen naar beneden en ik daal ook af met mijn stem. Je praat als je op de trap staat en ben je klaar, dan zet je in stilte de stap naar beneden. Daal af met je stem ↓; het helpt echt.

Probeer het ook eens andersom en ga bewust met je stem omhoog ↑ terwijl je de trap oploopt. Gewoon om je bewust te worden van hoe jong en vragend het klinkt als je steeds met je stem omhoog gaat. Toch? ↑

Oefening 2: Je hond en je kinderen

Je kunt dit ook goed oefenen op je hond. Je vraagt ook niet aan je hond: “Hier? Wil je hier komen?” ↑ Met een groot vraagteken erachter. Je zegt: “Hier.” ↓ Of: “Los.” ↓

Je kan ook op je kinderen oefenen. Door dingen zo overtuigend te zeggen dat ze er wel in mee gaan:

  • “Na dit verhaaltje gaan we je lampje echt uit doen.” ↓
  • “Dit is je laatste pannenkoek, want nu is het beslag op.” ↓

“Ja maar Anne, dat klinkt zo militair…”

“Het klinkt zo onaardig en ik wil niet onvriendelijk overkomen”. Het valt me op hoeveel mensen bang zijn om autoritair of te beslist over te komen.

Wie doen dit allemaal? Iedereen, of in elk geval heel veel mensen. Het is echt niet zo dat alleen vrouwen het doen. Of dat het louter mensen zijn uit Limburg of Friesland die omhoog gaan. Ik hoor het overal en het is besmettelijk. Als de eerste spreker het veel doet, gaat de tweede er in mee.

Ook hoor ik al twintig jaar:

  • “Ja maar, mijn naam eindigt op een /i/, dan kan je toch niet naar beneden afbuigen?” Ja hoor, ook jij kan naar beneden gaan met je stem.
  • “Ja maar, dat klinkt zo militair en onaardig. Dan lijk ik opeens heel dominant. Het klinkt zo boers en kattig.”

Je hoeft het ook niet de hele tijd te doen. Doe het als je denkt: nu wil ik een punt maken. Nu wil ik echt afronden. Dit is belangrijk en dit is waar. Je klinkt veel meer senior als je dit gaat toepassen. Veel mensen zeggen achteraf: “Dit geeft mij zelf ook vertrouwen. Het voelt veel fijner en rustiger om zo te praten.”

Dominant vragen stellen

Je kunt deze techniek ook toepassen als je vragen stelt. Je stelt dan de vraag zo overtuigend met een lage punt aan het eind ↓ dat er bijna niemand meer iets (tegen)in durft te brengen:

  • Voorzitter: “Is er nog iemand die iets heeft in te brengen voor de rondvraag?” ↓ (Ik wil graag de vergadering nu afronden, het is vrijdagmiddag en iedereen wil naar huis. Zo, dat klinkt waar!)
  • Huisarts: “Ik schrijf u paracetamol voor. Dat is voor nu meer dan genoeg. U moet het gewoon elke dag goed op peil houden, maar een zwaarder medicijn is niet nodig.” ↓
  • Rechter: “We leggen u 7 jaar voorwaardelijk op…” ↑ (Dat klinkt niet overtuigend! De verdachte denkt: hmmm, misschien kan ik er nog 6 van maken als ik even goed stennis maak).
  • Promovenda: “Heb ik hiermee uw vraag zo voldoende beantwoord?” ↓

Dus zeg het zo dat er geen speld tussen te krijgen is. Poneer! En dat kun je toch heel vriendelijk doch beslist zeggen. Ook op je gympen.

Open Doekje ontlokken – zo gebruik je theatertechnieken in een presentatie.

En als je applaus wil ontlokken bij je publiek, moet je al helemaal laag eindigen. “Dames en heren een daverend applaus voor Marieke in haar zomerjurkje, zij heeft de avond echt fantastisch ingeleid” ↓. [Applaus]

Promotiecoaching

Individuele coaching

Workshop voor huisartsenteam

Lees ook

featured-image
Wendy met haar paranimfen: zoon & vader
“De inhoud volgt de vorm”

In gesprek met Wendy over haar verdediging en lekenpraatje Hoe kijk je terug op de dag van je promotie? Had jij de regie, of overkwam het je? “Door onze gezamenlijke voorbereiding kreeg ik echt een gevoel van regie. Jij zei: “De mooie dingen uit je onderzoek die je sowieso wil vertellen: maak daar A4’tjes van […]

lees verder
Hoe vertel jij? Zeg ik, zeg jij?

Hij zei, zegt zij, had zij gezegd, zeg ik. Ik zeg: ik ben al lang op zoek naar hoe deze verteltrant heet en hoe het toch komt dat mensen zó vertellen zeg ik. Wat zeg jij? 1. omdat héél veel mensen zo vertellen2. omdat mensen graag woordelijk willen vertellen wat de ander gezegd heeft3. om […]

lees verder
featured-image
Schone taal

Schoon schip De spreker boeit me niet. Hij spreekt van komma naar komma. Breit zijn verhaal aan elkaar. En – en – en… Hij vult de stiltes met stopwoordjes. Wat een franje… Het irriteert, het leidt af. Mijn focus verschuift van de inhoud naar de vorm. Ik let op: hoe vaak zegt hij ‘uh’? En […]

lees verder